Priester Francis Ferry, genezen en tot priester geroepenEerwaarde heer Francis Ferry werd op 1 juli 2007 tot priester gewijd in de St.-Eunanskathedraal in Letterkenny, Ierland.  Medjugorje speelde een belangrijke rol in zijn roeping.  Ziehier zijn getuigenis.

"Ik ging voor het eerst naar Medjugorje in 1995.  Ik was 29 jaar en voelde me verloren.  Ik werkte als taxichauffeur en verdiende goed de kost.  Ik bezat mijn eigen huis in Dublin.  Voor ik naar Medjugorje kwam, was mijn geloof erg oppervlakkig.  Mijn vader werkt al zijn ganse leven bij de politie en ook mijn broer werkt als agent.  Ik wilde eigenlijk ook politieman worden, maar in de plaats daarvan werkte ik jarenlang als vrachtwagenchauffeur.  Ik reed heel graag en toen ik 22 was, besloot ik zelfstandig taxichauffeur te worden in Dublin.

Ik werkte vijf nachten per week en verdiende aardig de kost voor een jongeman.  Maar al die materiële welstand bracht me geen geluk.  Ik bracht mensen naar hun drinkgelag... en op het einde van de dag begon ik zelf ook te drinken.  Ik zocht mijn geluk in de drank omdat ik zag dat hetgene de wereld te bieden had, maar oppervlakkig was.  Ik voelde me eenzaam en begon steeds meer te drinken.  Bij ons thuis waren het allemaal drinkebroers.  Drankverslaving is in Ierland een veel voorkomend probleem in de gezinnen.  Met zulke problemen kon er geen vrede meer heersen thuis.  Ik verloor het contact met mijn familie.

Ik werkte vijf nachten per week en de rest van de tijd verloor ik mezelf in de drank.  Ik dacht van mezelf dat ik het drinken onder controle had, maar het werd een groot probleem dat alsmaar verergerde.

Elk weekend, na twee-drie dagen zwaar dronken geweest te zijn, zegde ik tegen mezelf: "Nooit meer".  Maar ik kreeg het niet onder controle.  Ik wist niet hoe te stoppen.

Op een nacht in 1993 -ik was toen 27- werd ik erg boos en zwaar dronken.  Ik reed met de wagen en geraakte betrokken bij een zwaar verkeersongeval.  Tegen hoge snelheid raakte ik een boom waardoor de auto van voor tot achter volledig opengereten werd.  Ik belandde vijf weken in het hospitaal. Ik liep een ingewikkelde heupfractuur op, beschadigde een heupzenuw en was gekwetst aan mijn rechtervoet.

Na enkele weken hospitaal kwamen de dokters er achter dat mijn heupzenuw niet zou genezen omdat hij te zwaar beschadigd was.  Toen ik uiteindelijk het ziekenhuis mocht verlaten, bleef ik nog zes maanden op krukken lopen.  Dat gaf me de tijd om rustiger aan te doen en na te denken.  Ik realiseerde me dat ik opnieuw de controle moest zien te krijgen over mijn leven en mijn gedragingen.  Op zich was het een mirakel dat ik levend uit dat ongeval ben gekomen.  Het was een zeer, zeer zwaar ongeval.

Wanneer men mij thans vraagt hoe ik ertoe gekomen ben om priester te worden, zeg ik: "Ik ben de Heer per ongeluk tegengekomen".  Dat was mijn keerpunt.  Toen het ongeval gebeurde, was ik erg op zoek naar God.  Ik was kwaad op mezelf, kwaad op het leven, en kwaad op de situatie in ons gezin.  Er was geen vrede in mijn leven.  Ik was zo leeg en ik maakte zoveel fouten.  Uit het diepste van mijn hart zei ik tot mezelf: als er een God bestaat, zal ik hem vinden.

Ongeveer een jaar later ging ik terug werken.  Mijn been was er nog steeds erg aan toe.  Op een dag komt mijn broer naar me toe en zegt me dat er een priester met geneeskrachtige gaven in Dublin was.  Mijn broer vond dat ik er naartoe moest gaan, vermits de dokters me verteld hadden dat ze mijn heupzenuw niet konden genezen.  Zijn naam was Aidan Carroll.  Ik ging bij hem naar de Mis en tijdens de Mis vertelde hij over Medjugorje.  Ik wist helemaal niets van Medjugorje.  Hij zei dat als iemand naar Medjugorje wenste te gaan, men bij hem tickets aan voordeeltarief kon krijgen.  Na de Mis ging ik naar hem toe en zegde dat ik vrij was naar Medjugorje te reizen.

E.H. Francis Ferry in MedjugorjeIk kende niets van Medjugorje en ik ontdekte dat ik ook van mijn geloof niet veel wist, noch van God of Onze-Lieve-Vrouw.  Totdat ik naar Medjugorje ging.  Ik beleefde er een heel, heel aangename week en ik vond er de diepe vreugde en vrede waarnaar ik al zo lang op zoek was maar nergens kon vinden.  Ik had ze gezocht op de verkeerde plaatsen.  Ik was leeg en wist niet hoe die grote leegte te vullen.  Die week was een grote ommekeer in mijn leven.  Ik begon te beseffen dat God bestaat, zoals de boodschappen zeggen.

Toen ik Medjugorje verliet, wist ik dat Onze-Lieve-Vrouw een echte moeder was, en dat had een enorme impact op me; de realiteit dat mijn Moeder zo goed voor me zorgt.  Ons gezin was gebroken op dat moment.  Ik had het gevoel van thuis te komen bij Onze-Lieve-Vrouw.

Ik kwam terug thuis en begon dagelijks naar de Mis te gaan en de Rozenkrans te bidden.  Ik bleef strijden met de alcohol.  Ik dacht dat ik het onder controle had, maar het lukte me niet.  Ik dacht dat ik 'sociaal' kon drinken, maar ik kon het niet.  Mijn laatste drankaanval gebeurde op Kerstavond 1996, nadat ik een paar uur met de taxi gewerkt had.  Ik dronk de hele nacht.  Later belde ik iemand thuis op, stomdronken en diep gekwetst vanbinnen.  Ik vertelde deze persoon dat als zij mij iets van vroeger wilde vergeven, dat ik dan voorgoed zou stoppen met drinken.  Zij zei dat dat goed was.  Ik dacht dat ik geen sociaal leven kon leiden zonder drank, maar kwam tot het besef dat ik gelukkiger was zonder.  Er groeide een vrede in mij.  Ik kon mezelf vertrouwen en voelde een zekere sereniteit in me komen.

Medjugorje heeft veel voor me betekend op de weg naar het ontnuchteren.  Ik ging elke dag naar de heilige Mis en vroeg God telkens opnieuw de genade om nuchter te kunnen blijven tot aan de volgende Eucharistieviering.  Onze-Lieve-Vrouw heeft me hierin bijgestaan door de Rozenkrans.

In Medjugorje werd ons bij het vertrek naar huis aanbevolen om lid te worden van een gebedsgroep.  Ik ging in Dublin op zoek naar een gepaste groep: Mariaal, Eucharistisch en charismatisch.  Ik begon elke maandag naar deze groep te gaan.  Ze waren erg goed voor me en erg hulpvaardig.  Ik vond er vriendschap en steun.  Het was providentieel.

In juni 1997 ging de groep op jaarlijkse bezinning.  We waren ongeveer met 15 en nog zo'n vijf andere personen sloten zich bij ons aan.  Tijdens de bezinning was er genezingsgebed, h. Mis en uitstalling van het heilig Sacrament.  Wie dat wilde, kon naar voren komen voor het genezingsgebed.  Ik zat achteraan, stond op, ging naar voren en knielde voor het Allerheiligste Sacrament.  Ik bad in mijn hart voor genezing en de hele groep bad mee voor mij.  Ik was in een stadium waarin ik hoopte op genezing van mijn gebroken gevoel, veel meer dan op fysieke genezing van mijn been.  Ik hoorde iemand achter me zeggen: "Hef dus uw slappe handen op en strek uw knikkende knieën. Bewandel rechte wegen. De lamme voet mag niet uit het lid raken, maar moet kunnen genezen."  Ik denk dat die woorden van de Heer kwamen, van het Allerheiligste Sacrament.  Ze troffen me diep in mijn hart.  De dame die ze uitsprak, kende ik niet.  Later vertelde ze me dat ze uit de Bijbel komen (Hebreëen 12,12).  Ze kende me niet en wist niets af van mijn auto-ongeval.

''Ik ben toch zo gelukkig om priester te zijn''De volgende avond ging ik naar huis, naar mijn vader met dit goede nieuws.  We hebben vele uren met elkaar staan praten in de keuken.  Ik vertelde vol opwinding wat ik de avond voordien had meegemaakt.  Hij sloeg zijn Bijbel open, maar zijn vertaling was verschillend.  Alleen de Groot Nieuws Bijbel vermeldde de woorden "lamme voet".  Ik stond ervan versteld dat God zo zorgzaam was.  Hij kent me zo goed dat Hij zelfs weet welke Bijbelvertaling te nemen!  Toeval bestaat niet voor God.  Hij beloofde me fysieke genezing!  Ik had er niet eens om gevraagd!  Mijn ongeval gebeurde in 1993.  Het gesprek met mijn vader vond plaats in 1997.  Mijn vader keek in zijn dagboek: het was dag op dag vier jaar geleden dat mijn ongeval gebeurd was, om 10 voor 1 's nachts.  Het was nu precies vier jaar later, tot op de minuut.  En op dat moment werd mijn gebed verhoord.  God wilde duidelijk maken dat dit geen toeval was.  Mijn genezing werd bevestigd, God kent elke seconde van mijn leven.

In Medjugorje kwam ik tot ontdekking dat God bestaat.  In Medjugorje vond ik een thuis.  Na Medjugorje werd mijn geloof sterker en sterker.  De dagelijkse Mis werd het middelpunt van mijn leven.  Mijn roeping tot het priesterschap kwam in 1998.  Ik was op retraite in Engeland.  Ik was bang van die roeping, maar ik voelde ze in mijn hart.  En ik wist dat ik erop moest ingaan.  Ik wist dat God met me was.  En hier ben ik.  Priester.  De heilige Mis die ik gevierd heb in de kerk van Medjugorje was één van mijn eerste Missen.  In Medjugorje hoorde ik mijn eerste biecht en gaf ik voor het eerst de absolutie.  Ik wist dat ik onwaardig ben andermans biecht af te nemen, daarom ging ik eerst zelf biechten bij Pater Svetozar voor ik aan mijn eerste biecht begon.

Ik heb totaal vertrouwen in de boodschap van Medjugorje.  Al 20 keer was ik hier, meestal individueel.  Ik heb in Medjugorje de gehoorzaamheid aan de Katholieke Kerk geleerd.  Medjugorje is een deel van mijn geestelijke en emotionele vorming.  Eén van de allerbeste delen van mijn vorming.  Ik ben toch zo gelukkig om priester te zijn."

Bron: http://crownofstars.blogspot.com/2012/01/drunk-who-became-priest-through.html

 

Fotogalerij

Zoeken in Bedevaart.net

Google Translator

Dutch Croatian English French German Italian Polish Slovak Slovenian Spanish